Schermafbeelding Om

Slachtoffers bombardementen juli 1943

Jeannette van der Stelt (Historisch Centrum Amsterdam-Noord) doet al jaren onderzoek naar gegevens, foto’s, documenten en verhalen met betrekking tot de slachtoffers van de bombardementen van juli 1943. Op basis daarvan wordt de slachtofferlijst jaarlijks bijgewerkt. Die gegevens worden gedeeld met Oorlogslevens (NIOD). Recent zijn twee belangrijke vondsten gedaan:

1. Rehabilitatie Jan Berkelaar.
In 2020 is de naam van Jan Berkelaar – na 77 jaar – eindelijk door het NIOD toegevoegd aan de Erelijst van gevallenen voor het Vaderland 40-45. Het speurwerk en het archiefonderzoek werden gedaan door vrijwilligers in Vinkeveen. Het Historisch Centrum  Amsterdam-Noord heeft een steentje bijgedragen voor wat betreft de achtergronden van de drie bombardementen in juli 1943 waarbij meer dan 200 doden vielen. Downloaden pdf Jan Berkelaar.

2. Slachtoffers wachtkamer.
Jarenlang werd verteld dat er op 17 juli 1943 in de wachtkamer van huisarts Van Haga (hoek Fazantenweg / Meeuwenlaan) 29 doden waren gevallen. Dat verhaal werd al kort na de bombardementen via kranten verspreid, maar is waarschijnlijk het gevolg van pro-Duitse propaganda. Het is wel een heel groot aantal patiënten dat dan op een vroege zaterdagmorgen aan het begin van de schoolvakanties in de wachtkamer zat. het blijkt dat er in het blok huizen Fazantenweg/Meeuwenlaan 259-263 meer slachtoffers zijn gevallen, maar dat het aantal patiënten dat in de wachtkamer was toen de bommen vielen moet heel veel kleiner moet zijn geweest.  Op de hoek van Fazantenweg/Meeuwenlaan is een twaalfde putdeksel gelegd (onderdeel van het herdenkingsmonument in de Van der Pek- en de Vogelbuurt). Dat herdenkings-putdeksel wordt in de herfst van 2021 officieel ingewijd. Downloaden pdf slachtoffers Fazantenweg/Meeuwenlaan.

3. De slachtofferlijst van juli 1943
De in juni 2021 bijgewerkte slachtofferlijst is in te zien op  Bekijken slachtofferlijst 1943 (bijgewerkt 2021).

 

 

 

WP-Backgrounds by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann